Met zijn werk probeert Levi van Veluw grip te krijgen op de werkelijkheid

Van blauwe schimmen die zich vastgrijpen aan een geometrisch altaar, georganiseerde gedaantes in een ontmoetingskamer en menselijke gelaten bedekt met de vier seizoenen: de werken van Levi van Veluw schijnen een licht op de metafysische wereld waar we ons allemaal in begeven, ook al zijn we ons daar niet altijd van bewust. Al zijn werk is autobiografisch en doelt op een universeel principe of universele waarden. Levi brengt het ontastbare in kaart en probeert grip te krijgen op een werkelijkheid die zijn oorsprong vindt in een chaotisch universum. ‘Mijn jeugd was vrij chaotisch, wat de drang naar controle heeft versterkt.’

v

Als wat voor type kunstenaar zou je jezelf omschrijven?

a

Ik werk multidisciplinair en autonoom. Dat betekent dat ik in principe elk kunstmedium kan gebruiken. Mijn werkwijze is vrij obsessief, chaotisch en tegelijkertijd ook heel erg gecontroleerd. Als kunstenaar ben ik soms een half jaar kunstwerken aan het maken zonder dat ik weet hoe ze ontvangen gaan worden. Het werk heeft geen toepasbaar nut en er is geen klant of galerie die akkoord geeft in de loop van het maakproces. In eerste instantie zijn alle investeringen voor eigen rekening. Nieuw werk moet dus volledig tot stand komen vanuit eigen initiatief. Ik moet eerst dwingende noodzaak voelen bij een idee voordat ik dit kan uitwerken.

v

Waar komt jouw fascinatie voor geometrische vormen vandaan?

a

Mijn werk is altijd autobiografisch geweest. Soms letterlijk, soms als aanleiding van een nieuw concept. Geometrische vormen staan voor mij symbool voor houvast, orde en controle. Mijn jeugd was vrij chaotisch en dit heeft de drang naar controle erg versterkt. Rasters, patronen en herhaling trekken mij enorm aan. Je zou het een fascinatie kunnen noemen.

v

Hoe blijf jij je als kunstenaar steeds weer vernieuwen?

a

Dit is een van de meest lastige onderdelen van mijn werk. Er is namelijk geen enkele maatstaf om te beoordelen of je de goede keuzes maakt, dat moet achteraf altijd maar blijken. Afwijken van hetgeen zichzelf al heeft bewezen, is daarom ook het moeilijkste wat je kunt doen. Het gaat gepaard met een onzekere periode: piekeren, angst, soberheid. Het is een proces waar je telkens weer doorheen moet. Het is de enige manier om tot iets nieuws te komen. Daartegenover staat dat als het lukt, dit heel veel energie en voldoening geeft. Het is erg verslavend. Het meest interessante gedeelte is het moment dat het idee begint te ontstaan in de werkplaats, net voordat het helemaal af is.

v

Bij veel van jouw werken staat bewust geen tekst, omdat je wilt dat mensen hun eigen betekenis aan het werk geven. Waarom is dat voor jou belangrijk?

a

Mensen zijn van nature ongeduldig. Ze willen het liefst zo snel mogelijk duidelijkheid hebben waar ze naar zitten te kijken. In plaats van goed te kijken, lezen mensen de tekst naast het kunstwerk en zijn verzadigd: ‘Aha, nu weet ik waarom de kunstenaar het heeft gemaakt.’ Ze hoeven zelf niet meer na te denken. Kunst is juist boeiend omdat je soms geen idee hebt waar je naar zit te kijken of waarom de kunstenaar bepaalde keuzes heeft gemaakt. Wat is het voor materiaal? Waarom vind ik het mooi, maar de persoon naast mij lelijk? Door als kijker zelf te proberen het kunstwerk te begrijpen, komt het tot leven.

Door herinneringen, gedachtenspinsels of fascinaties uit te beelden, probeer ik grip te krijgen op de wereld om mij heen.

v

Welk verhaal wil je met je werk vertellen?

a

In algemene zin ben ik vooral zelf zoekende naar duidelijkheid. Door herinneringen, gedachtenspinsels of fascinaties uit te beelden, probeer ik grip te krijgen op de wereld om mij heen. Wat ik uitbeeld, heeft meestal een persoonlijke aanleiding of zijn zelfs persoonlijke situaties, maar in alles zit een universele waarde. Door het enigszins suggestief te visualiseren, kan de bezoeker zich het werk toe-eigenen en diens eigen gedachten erop projecteren.

Met mijn laatste serie visualiseerde ik bijvoorbeeld het ontastbare. Een vraag die ik mezelf stelde toen ik als kind naar de kerk ging: hoe weten mensen hoe een kerk eruit moet zien? Achter de religieuze beeldtaal die wereldwijd wordt gebruikt, zit een menselijke logica, geen goddelijke. Hoogte, detaillering, complexiteit, nietigheid, licht: allemaal elementen die worden gebruikt om onszelf te overtuigen van het immateriële. Dat vind ik dan heel erg interessant en daaromheen verzin ik mijn eigen beeldtaal om te begrijpen hoe het werkt.

v

In het begin van je carrière gebruikte jij jezelf als canvas voor je eigen werk. Deed je dat bewust?

a

In die tijd was het niet bewust. Nu begrijp ik wel waarom ik dat deed. Door jezelf te gebruiken, blijft het hele maakproces intiem. Ik had niemand nodig. Ik kon alles zelf doen. Deze afgezonderde setting geeft een gevoel van vrijheid, niemand kijkt op je vingers. Als beginnend kunstenaar durf je dan meer te experimenteren. Dat was precies wat ik met deze portretten deed: heel veel experimenteren. Ik heb veel meer portretten gemaakt. Veel zijn ook mislukt en nooit gebruikt. Sinds 2011 is de mens in figuratieve vorm niet meer zichtbaar in mijn werk. Binnenkort komt dat weer terug.

v

Waar haal jij je inspiratie vandaan?

a

Ik weet niet of er een term voor is, maar mijn werk is vrij introvert in de zin dat het nieuwe werk zijn bestaansrecht vrijwel altijd ontleent aan het oudere werk. Ik denk dat je mijn oeuvre kan zien als een soort spiraal, het dijt steeds verder uit maar blijft dicht bij de kern. Het is daardoor ook nooit actueel of vluchtig. Ideeën ontstaan door de gedachtes die zich vormen tijdens het maakproces.

v

Hoe ziet jouw creatieve werkproces eruit?

a

Veel ideeën ontstaan vanuit tekeningen. In een tekening heb je een enorme vrijheid. Alles kan. Daarna kijk ik of het interessant is om te vertalen naar een ruimtelijk object, een video of iets anders. Op het Hembrugterrein in Zaandam heb ik een voormalige perserij van springstoffen gekocht. Een ruimte van 400 m2, midden in een bos, waar ik alle ruimte heb om mijn ideeën te verwezenlijken.

Voor mij moet een tentoonstelling een groter verhaal vertellen. De werken staan nooit op zichzelf en gaan een relatie aan met elkaar. Installaties zijn daarom een belangrijk medium voor mij. Met een fysieke ruimte breng je de bezoeker in het kunstwerk, de context van de galerie of museum is verdwenen. Na zo’n ervaring ga je de tweedimensionale werken heel anders bekijken.

v

Wat onderscheidt jou van andere kunstenaars?

a

Er zijn zoveel kunstenaars op de wereld! Geen idee…

v

Waar werk je momenteel aan?

a

Momenteel werk ik aan een nieuwe tentoonstelling voor Galerie Ron Mandos in Amsterdam, waarmee ik al 15 jaar samenwerk. Een tentoonstelling in Amsterdam blijft een van de leukste. Ik krijg dan veel meer mee hoe mensen het werk ervaren in vergelijking tot buitenlandse tentoonstellingen. De galerie is 300 m2, met ruim negentig procent aan nieuwe werken en een grote nieuwe installatie. Dat zal heel bijzonder worden.

Levi's nieuwe tentoonstelling is vanaf 18 maart 2023 open voor publiek.